• Mijmeringen

    Op het pad van het leven bevinden zich grote plassen met water. Je ziet ze, ruikt ze, voelt ze, proeft ze in de vochtige lucht, kan ze aanraken, je hoort de weerkaatsing van het geluid veranderen. Water in al mijn zintuigen. Ik kan er bang voor zijn, wil geen natte schoenen krijgen. Ik kan er als een kind in gaan staan of trappen en het water hoog doen opspatten en gelukzalig kirren. Ik kan ze willen vermijden en eromheen lopen. Ik kan zelfs doen alsof ik ze niet kan zien en stug doorlopen. Maar ik neem ze wel waar, ik voel en niet alleen met mijn zintuigen. Ik voel diep, steeds dieper.